Onze 8B-methode
Een coachingstraject of coachingsvraag doorloopt vaak dezelfde stappen. Het begint met het bekend worden met elkaar en eindigt met een besluit tot actie. Parallel aan deze stappen wordt er gewerkt aan de betrokkenheid en de bewustwording.
1. Het begint met het bekend worden met elkaar.
Een belangrijke fase omdat hier bepaald wordt of er voldoende vertrouwen is over en weer.
2. Breed scannen situatie
Hierin wordt de realiteit , het heden in kaart gebracht. Waar sta ik nu? Wat heeft me hier gebracht? Wat vind ik belangrijk? Vragen die je helpen om het hier en nu te begrijpen.
3. Bepalen vraag en resultaat:
Het vorm geven van de toekomst. Omzien in wrok is uit den boze. Het verleden is gepasseerd en onveranderbaar. Het gaat om de toekomst die we moeten vormgeven. Bij coaching wordt heel sterk de inspiratie ontleend aan een uitdagend beeld van hetgeen we willen creëren. Dat toekomstideaal staat altijd op gespannen voet met de huidige realiteit en zo hoort het ook. Het heden is realistisch en de toekomst heeft iets onrealistisch. Dat is nou net de constructieve spanning die nodig is. Zonder adrenaline in je bloed geen aansprekende prestaties. De realiteit van nu geeft niet de maat aan, dat doet het toekomstbeeld. De realiteit van nu coach is wel de situatie van waaruit de eerste stap richting toekomst gezet wordt.
Mogelijke vragen zijn:
- wat wil je bereiken?
- hoe stel je je het eindresultaat concreet voor?
- op welke termijn wil je dat gerealiseerd hebben?
- wat zijn belangrijk indicatoren om aan af te meten of je dat resultaat bereikt hebt?
4. Brainstormen over opties
Alle remmen gaan los. Brainstormen of vrij associeren ligt aan de basis van de weg die we gaan doorlopen naar het bereiken van het doel.
5. Beren zoeken:
Essentieel in deze fase is de werkelijkheid waar te nemen zoals die is en niet zoals we hem graag zouden zien. Een idee is nuttig wanneer je een visie aan het opbouwen bent van hetgeen je wilt creëren, maar een idee over de werkelijkheid kan een belemmering zijn om de werkelijkheid goed waar te nemen. Een van de moeilijkste lessen bij coaching is te leren om de huidige werkelijkheid te herkennen zoals die is en te accepteren zoals die is. Vanuit het ideaalbeeld dat we voor ogen hebben, willen we de huidige werkelijkheid nog wel eens verfoeien. Maar daardoor belemmeren we het optimaal benutten van het spanningsveld tussen toekomstbeeld en realiteit. En voor je het weet, verval je in onmacht. Reageren op onmacht is in dit verband een belangrijke vaardigheid voor de coach. Onmachtsuitingen zijn opmerkingen als:
- dat kan/mag niet.
- zo gaat het niet.
- de directie gaat daar nooit mee akkoord.
- dat gaat te veel kosten.
- daar hebben we de tijd niet voor.
Een standaard reactie van de coach is in deze situaties de 'Wat als...' aanpak. 'Stel dat de directie wel akkoord gaat, hoe pakken we het dan aan?'
6. Besluit tot actie:
Bij het bepalen van de acties worden eerst wat alternatieven op een rijtje gezet. De coach kan dit proces ondersteunen door vragen in de trant van:
- wat voor mogelijkheden zie je?
- wat zijn daarvan de voors en tegens?
- welke alternatieven brengen het eindresultaat het meest dichtbij?
Vervolgens wordt de vraagstelling van de coach gerichter. Niet 'Wat zou je kunnen gaan doen' of 'Wat denk je te gaan doen' of 'Wat zou je het liefste doen?', maar 'Wat ga je doen?'
Verdere assistentie van de coach door de vragen:
- Wanneer ga je een en ander doen?
- Leiden die acties tot het gewenste resultaat?
- Welke obstakels moet je omzeilen?
- Wie moet er van weten?
- Welke ondersteuning heb je nodig?
- Hoe en wanneer ga je die mobiliseren?
- Hoe zeker ben je dat je de voorgenomen acties op tijd en succesvol zal volbrengen?
Parallel aan deze stappen wordt er gewerkt aan de betrokkenheid en de bewustwording.
Bewust maken:
Een coach begint met vragen te stellen om het bewustzijn van de gecoachte te ontwikkelen:
Bijvoorbeeld:
- vind je deze klus leuk?
- wat vind je leuk?
- welke kwaliteiten kun je erin kwijt?
- wat vind je moeilijk?
- voel je je er gespannen of ontspannen bij?
- hoe reageer je op spanning?
Het zijn vragen die alleen maar om informatievragen, niet om een oordeel. Vraagstellingen moeten erop gericht zijn dat de gecoachte zich voortdurend afvraagt hoe een en ander in elkaar steekt. Vragen dienen daartoe zeer feitelijk en concreet te zijn. Het effect is, de gecoachte zich allerhande zaken inderdaad gaat afvragen en daarmee zelfbewustzijn ontwikkelt.
Betrokkenheid:
De gecoachte ondersteunen in het nemen van verantwoordelijkheid voor de loop der dingen. Hier gaat het om echt kiezen. duidelijk ja of nee durven zeggen. Ergens voor staan en je niet verschuilen achter anderen. Echt verantwoordelijkheid nemen betekent echt kiezen voor excellent ondernemen in plaats van 'de tent in stand houden', kiezen voor moed in plaats van voorzichtigheid, kiezen voor autonomie in plaats van afhankelijkheid, niet tevreden zijn met een 6, maar een 10 willen halen.
De coach gaat met de gecoachte in gesprek over de uitdagingen die hij/zij zichzelf wil stellen.
Mogelijke vragen zijn:
- wat vind je belangrijk?
- wat betekent het als dit niet lukt?
- wat is het effect voor jou?